Welke supplementen helpen echt bij de overgang?
Rode-klaverisoflavonen en zwarte cohosh hebben de sterkste onderbouwing voor minder opvliegers, soja-isoflavonen helpen ook iets; voor botgezondheid is vitamine D goed onderbouwd. De effecten zijn bescheiden en bij ernstige klachten bespreek je het best de opties met je arts.
Rode-klaverisoflavonen hebben onder de plantaardige supplementen de meest concrete onderbouwing voor opvliegers. Meta-analyses vinden gemiddeld bijna twee opvliegers minder per dag vergeleken met placebo. Het effect is het grootst bij vrouwen met vijf of meer opvliegers per dag, bij een dosis van minstens 80 mg per dag en bij gebruik van ten minste 12 weken.
Soja-isoflavonen werken ook, maar iets minder krachtig: gemiddeld rond één opvlieger minder per dag. Op nachtelijk zweten is geen significant effect aangetoond. Vaginale droogheid neemt wel iets af. Een recentere meta-analyse vond aanwijzingen dat soja-isoflavonen ook psychosociale klachten, hartkloppingen en hoofdpijn kunnen verminderen, maar die studies zijn klein, dus dat is nog geen zekerheid.
Zwarte cohosh (een kruidenextract) vermindert in vergelijking met placebo de algehele overgangsklachten en opvliegers significant. Voor angst en depressie helpt het niet aantoonbaar. Wil je ook psychologische klachten aanpakken, dan lijkt de combinatie van zwarte cohosh met sint-janskruid beter te werken dan zwarte cohosh alleen. Uit de beschikbare studies zijn geen aanwijzingen voor schade aan lever, borst of baarmoeder.
Vitamine D springt er om een andere reden uit: het is het enige supplement waarover hoge zekerheid bestaat over de veiligheid, en er is matig bewijs dat het het risico op botbreuken verlaagt. Voor klachten zoals opvliegers is vitamine D minder goed onderzocht. Toch is het relevant voor vrouwen in de overgang, omdat botverlies in deze fase versnelt.
Vrijwel alle studies in dit veld kennen beperkingen: de studies zijn onderling erg verschillend in opzet, gebruikte doses en meetmethoden. De effecten zijn bescheiden en kleiner dan die van hormoontherapie. Bij ernstige klachten is het verstandig om dit met je arts te bespreken.
Gebaseerd op meerdere meta-analyses en systematische reviews (PMID 38189863, 27327802, 25263312, 40718787, 33920485, 37192826, 33021111, 41498229). Alle claims zijn terug te voeren op deze bronnen.
Wat helpt tegen overgangsklachten zoals opvliegers en stemmingswisselingen?
Hormoontherapie werkt het best tegen opvliegers en nachtelijk zweten. Wie dat niet kan of wil, heeft keuze uit bewezen niet-hormonale medicijnen én psychologische therapie. Kruidensupplementen werken niet aantoonbaar.
Verandert mijn gewicht en stofwisseling tijdens de overgang?
Tijdens de overgang verandert je lichaamssamenstelling ingrijpend: meer buikvet, minder spieren en een lagere verbranding in rust. Beweging en voeding helpen aantoonbaar, en bespreek hormoontherapie met je arts als aanvullende optie.
Welke klachten komen het vaakst voor in de overgang?
De meest voorkomende overgangsklachten zijn gewrichts- en spierpijn, vermoeidheid en slaapproblemen; opvliegers zijn het meest kenmerkend maar staan qua prevalentie niet bovenaan. Herken je meerdere van deze klachten, dan is het zinvol ze te bespreken met je huisarts, die per klacht kan bekijken wat helpt.
Kun je de overgang uitstellen met leefstijl of voeding?
Roken vermijden, minder rood vlees en meer citrusvruchten en vette vis lijken je menopauzeleeftijd gunstig te beïnvloeden. Maar bewijs uit gecontroleerde experimenten ontbreekt nog volledig.
Verstoort de overgang mijn slaap, en wat helpt daartegen?
De overgang verstoort je slaap echt, vooral door opvliegers en hormonale veranderingen. Cognitieve gedragstherapie voor insomnie (CGT-I) is de beste eerste stap; hormoontherapie of melatonine kunnen daarna in beeld komen.
Waarom worden botten brozer na de overgang, en wat helpt daartegen?
Botontkalking na de overgang is goed te verklaren en deels te voorkomen: oestrogeentekort is de kern, maar goede voeding, bewegen, hormoontherapie en indien nodig botmedicatie bieden bewezen bescherming. Welke aanpak het beste bij jou past, bespreek je het best met je arts.