Wat werkt beter om NAD+ te verhogen: NMN of NR?
NMN en NR lijken allebei even goed NAD+ te verhogen in het bloed, maar welke stof concreet meer gezondheidswinst geeft, is nog niet aangetoond. Kies voorlopig op basis van prijs en beschikbaarheid, en houd je verwachtingen realistisch.
Lees het volledige antwoord
NMN en NR doen het in bloedwaarden even goed. In een gerandomiseerde studie bij 65 gezonde volwassenen verhoogden beide supplementen de NAD+-concentraties in het bloed na 14 dagen in vergelijkbare mate. De studie was niet groot genoeg om een duidelijk verschil tussen de twee aan te tonen, maar het effect was er bij beiden. Nicotinamide, een derde verwante stof, verhoogde NAD+ op de langere termijn niet; het veroorzaakte alleen een korte, voorbijgaande piek.
Interessant is hoe die NAD+-stijging waarschijnlijk tot stand komt. Zowel NMN als NR worden in de darmen door darmbacteriën omgezet naar nicotinezuur. Die omgezette vorm blijkt in laboratoriumonderzoek een krachtige NAD+-booster te zijn, terwijl NMN en NR dat buiten het lichaam zelf niet zijn. Dit suggereert dat je darmmicrobioom mede bepaalt hoeveel profijt je van deze supplementen hebt. De samenstelling van je darmflora kan dus relevant zijn, al is dit mechanisme nog niet volledig opgehelderd bij mensen.
Of die hogere NAD+-waarden in het bloed ook daadwerkelijk tot betere gezondheid leiden, is een andere vraag. Een overzichtsstudie concludeert dat NMN en NR veilig zijn, maar dat het bewijs voor echte gezondheidswinst, zoals meer energie, betere spierfunctie of scherper geheugen, nog onduidelijk is. De bestaande studies bij mensen zijn te klein en te wisselend in opzet om harde uitspraken te doen.
In het lab scoort een verwante stof, NRH, duidelijk beter dan zowel NMN als NR: het verhoogde NAD+ in cellen en muisweefsel twee- tot tienmal sterker bij vergelijkbare doseringen. NRH is echter geen beschikbaar supplement voor mensen en dit is nog alleen in cel- en muisonderzoek aangetoond. Voorlopig is er voor mensen geen reden om het een boven het ander te kiezen, want het directe vergelijkingsonderzoek tussen NMN en NR is beperkt.
Alle claims zijn gebaseerd op één gerandomiseerde studie (n=65, PMID 41540253), twee reviews (PMID 37068054, PMID 39026037), een invloedrijke maar gedateerde review (PMID 24786309) en cel/muisonderzoek (PMID 30948509, PMID 36914909). Er zijn geen grote RCT's met klinische eindpunten beschikbaar.