Kan sporten je darmflora verbeteren?
Matige regelmatige beweging verbetert je darmflora aantoonbaar, maar je moet wel blijven bewegen want het effect verdwijnt als je stopt. Overdrijf het niet: heel intensieve trainingen kunnen de darmgezondheid juist onder druk zetten.
Matige duursport vergroot de verscheidenheid aan bacteriesoorten in je darmen en stimuleert gunstige bacteriën die korteketenvetzuren aanmaken. Die vetzuren zijn belangrijk voor de darmwand en het immuunsysteem. Dit effect is aangetoond in meerdere studies, al verschilt de precieze omvang per persoon en type sport.
Een studie van zes weken duurtraining bij mensen die daarvoor weinig bewogen, liet zien dat de hoeveelheid korteketenvetzuren in de ontlasting toenam. Maar alleen bij mensen met een gezond gewicht, niet bij mensen met overgewicht. En zodra ze stopten met trainen, verdwenen de veranderingen in de darmflora grotendeels weer. Dit geeft aan dat consistent blijven bewegen noodzakelijk is om het effect vast te houden.
Meer is niet altijd beter: langdurige intensieve duursport, zoals die van topsporters, kan de darmwand juist doorlaatbaarder maken en zo ontstekingen uitlokken. In ruim de helft van de bekeken studies werd dit negatieve effect bij intensieve training gevonden. Matige beweging lijkt dus een zoeter evenwicht te bieden dan zwaar presteren.
Combinaties van duurtraining en krachttraining hangen samen met een hogere bacteriële diversiteit in de darm en een lager risico op metabole aandoeningen zoals diabetes type 2. Dit verband is wel waargenomen, maar de oorzakelijkheid ervan is minder zeker dan bij pure duursport.
Verder zijn er vroege aanwijzingen dat beweging via de darmflora ook een rol kan spelen bij stemming en zelfs bij de afweer tegen tumoren. Zo produceren darmbacteriën bij beweging een stofje dat immuuncellen actiever maakt, wat in muisonderzoek antitumor-effecten had. Dit is vooralsnog laboratoriumonderzoek bij muizen; de betekenis voor mensen is nog onduidelijk. Hetzelfde geldt voor een mogelijk gunstig effect bij depressie via de darm-hersenas: biologisch aannemelijk, maar het klinische bewijs is nog dun.
Gebaseerd op meerdere humane interventiestudies en reviews (PMID 35954878, 39519496, 29166320), aangevuld met beperkt bewijs bij depressie (PMID 38069198), een preklinische muisstudie (PMID 40639377) en inconsistente klinische data over de darm-spier-as (PMID 34523250). Geen grote gerandomiseerde trials met langetermijn follow-up beschikbaar.