Waar de bekendste longevity-influencers voor het bewijs uit lopen
Andrew Huberman, Gary Brecka, Peter Attia, Rhonda Patrick en David Sinclair bereiken samen maandelijks miljoenen mensen. Ze zijn er alle vijf van overtuigd dat we met technologie en leefstijl aanzienlijk ouder kunnen worden dan nu, en ze proberen dat op zichzelf uit. Soms lopen ze daarmee voor het wetenschappelijk onderzoek uit.
Huberman raadt mannen boven de veertig een dagelijkse lage dosis erectiepil aan, 2,5 tot 5 milligram tadalafil, omdat het volgens hem de doorbloeding van de prostaat helpt en de bloedvaten in de hersenen wijder maakt. Sinclair slikt er zelf dagelijks 7 milligram van, voor zijn haar. Het middel doet aantoonbaar iets: dagelijks 5 milligram is een geregistreerde behandeling bij plasklachten door een vergrote prostaat. Voor de redenen die zij geven is het bij mensen nog niet getoetst.
Ze domineren het podcastlandschap over langer leven. Experts met het bereik van influencers: elk met een eigen show, en daarnaast regelmatig te gast bij podcasts die een breder publiek bereiken, zoals Joe Rogan en Diary of a CEO. Huberman is hoogleraar aan Stanford, Sinclair aan Harvard Medical School, Attia arts met een chirurgische opleiding, Patrick gepromoveerd biomedisch wetenschapper, en Brecka werkte eerder als sterfte-analist voor levensverzekeraars en richtte The Ultimate Human op.
Ze lopen dus voorop, en ze proberen het eerst op zichzelf. Dat is precies wat je van mensen aan de voorkant van een vakgebied mag verwachten. De vraag is hoe ver ze daarin gaan, en waarop ze baseren wat ze hun publiek aanraden.
Waar hun advies het stevigst staat
Op drie punten wijzen alle vijf dezelfde kant op, en dat is ook precies waar de wetenschap het duidelijkst over is. Krachttraining is het best onderbouwde advies dat dit veld te bieden heeft: dertig tot zestig minuten per week hangt samen met tien tot twintig procent lagere sterfte, en zelfs negentigjarigen worden er na acht weken meetbaar sterker van. Voor wie zijn stofwisseling wil herstellen is krachttraining volgens Attia "eigenlijk niet onderhandelbaar".
Minder toegevoegde suiker en minder alcohol staan er net zo stevig bij. Attia is over dat laatste het stelligst: er is volgens hem geen enkel overtuigend bewijs dat alcohol de gezondheid ergens in helpt. Hier lopen ze niet vooruit op de wetenschap, maar brengen ze die bij een publiek dat anders nooit een studie zou lezen. Dat vijf mensen met verschillende achtergronden en verschillende belangen op deze punten hetzelfde zeggen, maakt het advies alleen maar sterker.
Daar komt bij dat ze uitgesproken zijn over wat je beter niet doet. Een derde van hun standpunten is een waarschuwing: tegen alcohol, tegen toegevoegde suiker, tegen ultrabewerkt voedsel, tegen BPA en microplastics. Attia is daarin het stelligst. Voor een luisteraar die nog nooit een studie heeft gelezen, is dat waarschijnlijk de grootste bijdrage die ze leveren.
De vraag is dus niet of ze nuttig zijn. Die is wat er gebeurt zodra ze verder gaan dan dit.
Waar ze van inzicht verschillen
Neem het vasten. Sinclair vindt drie maaltijden per dag "waanzin" en noemt het idee dat ontbijt de belangrijkste maaltijd is een marketingvondst uit het begin van de twintigste eeuw. Attia laat geen ruimte voor dat standpunt: er is volgens hem geen bewijs dat met tussenpozen vasten iets oplevert bovenop simpelweg minder calorieën eten. Het onderzoek valt dichter bij Attia uit. Dat vasten autofagie stimuleert klopt gedeeltelijk; dat het na zestien uur op gang komt is niet aangetoond. Dat na 72 uur vasten het immuunsysteem zichzelf 'reset' evenmin.
Wat niet ter discussie staat: dát wat je eet uitmaakt. Het verschil van inzicht gaat over het tijdvenster, niet over wat er op je bord ligt. Zo ligt het bij bijna elk geschilpunt. Attia waarschuwt tegen zware sets van één tot vijf herhalingen vanwege blessurerisico, Patrick brengt daartegenin dat lichtere gewichten evenveel spiergroei geven zolang je tot voldoende vermoeidheid traint, en dat je moet tillen staat bij geen van beiden ter discussie.
Waar ze voor de troepen uit lopen
Ze lopen alle vijf voor op de wetenschap, maar niet op dezelfde manier, en dat verschil is groter dan het lijkt. Attia waagt zich nooit op terrein dat nog niet beslecht is; hij blijft binnen wat af is. Sinclair doet juist het omgekeerde en neemt standpunten in over epigenetische herprogrammering, over die tadalafil, over middelen die bij muizen werken en bij mensen nog niet zijn getoetst. Huberman blijft bij onderwerpen waar wel onderzoek naar is, maar formuleert stelliger dan dat onderzoek toelaat. En bij Brecka zit er een uitspraak tussen die niet klopt: de gemethyleerde multivitamine die hij iedereen aanraadt. Van hem hebben we wel het minst kunnen toetsen, want zijn kanaal bestaat vooral uit korte clips.
Vooruitlopen op wat nog niet beslist is, stelliger formuleren dan de literatuur toelaat, en iets zeggen dat niet klopt. Dat zijn drie verschillende dingen, en alleen het laatste is een fout. Voor de eerste twee geldt vooral dat je moet weten waar je naar luistert.
Het scherpste voorbeeld daarvan geeft Huberman zelf. Hij raadt plantaardige zaadoliën af, net als Brecka, maar zegt er in één adem bij dat hij geen enkele gerandomiseerde studie kent die zegt dat ze slecht zijn. Hij eet ze niet en vindt ze niet lekker, en presenteert dat ook zo. Dat is precies het onderscheid waar een luisteraar iets aan heeft, en hij maakt het zelf.
Het risico zit niet bij hen
Ze experimenteren op zichzelf, maar niet roekeloos. Van alles wat deze vijf aanraden is er geen enkel geval waarin een gedocumenteerd gezondheidsrisico vaststaat. De veiligheidswaarschuwingen die aan hun uitspraken hangen, zijn waarschuwingen die ze zélf geven: Attia over matig drinken bij een vette lever, Patrick over BPA en microplastics, Sinclair over een zeldzame oogaandoening bij GLP-1-middelen.
Ze weten bovendien wat ze nemen: twee van hen zijn hoogleraar, een derde is arts. Wie in die positie dagelijks een receptgeneesmiddel slikt buiten de aandoening waarvoor het is goedgekeurd, doet dat met kennis van zaken.
Het gevaar ontstaat een stap verderop. Een luisteraar pikt bij de een een supplement op, bij de ander een middel, bij een derde een dosering, en telt dat bij elkaar op zonder dat iemand het overzicht houdt. Dat stapelen is het echte risico, en het is wel degelijk onderzocht: of een stapel slim of gevaarlijk is hangt af van wat je combineert en of er medicijnen bij zitten. Sint-janskruid en goudzegel zijn daarbij de bekendste boosdoeners. Geen van deze vijf raadt aan om te stapelen. Maar samen vormen ze wel het menu waaruit iemand dat doet.
Hoe zwaar weegt hun woord?
Vier van de vijf beroepen zich bij de meeste van hun standpunten op onderzoek. Huberman en Patrick doen dat het consequentst, Attia iets minder, en Sinclair verwijst opvallend vaak naar zijn eigen lab. Brecka verwijst vaker naar zijn eigen ervaring dan naar gepubliceerd werk.
Belangrijker is of je die verwijzing kunt natrekken, en daar valt de groep in twee helften uiteen. Patrick zet bij elke aflevering een bronnenlijst, vaak tientallen studies lang, en Huberman doet dat op zijn eigen site. Attia publiceert uitvoerige notities, maar die leiden zelden naar de studies zelf. Bij Brecka en Sinclair staat er niets: wie hun verwijzing naar "studies" wil controleren, kan dat niet.
Hier ligt het anders dan je zou verwachten. Bij Huberman staat in vrijwel elke aflevering een commerciële partner in de shownotes, 244 van de 249, met AG1 als vaste naam. Brecka en Sinclair hebben er ook. Maar Attia en Patrick hebben er geen enkele, in geen van hun afleveringen; Attia werkt met een betaald lidmaatschap op zijn site.
Dat bepaalt niet wie gelijk heeft. Het bepaalt of je een expert kunt wegen zonder hem op zijn woord te geloven.
Het onderzoek haalt ze soms in
Rapamycine zat ooit in dezelfde categorie waar die dagelijkse pil nu in zit. Bij muizen verlengt het aantoonbaar de maximale levensduur, in meerdere onafhankelijke studies; bij mensen is dat nog niet getoetst. Van metformine is bij mensen zonder diabetes nog steeds niet aangetoond dat het de levensduur verlengt, en dat middel wordt al decennia geslikt.
Over een paar jaar is duidelijk of Huberman en Sinclair gelijk hadden over die pil. Tot die tijd is het verschil tussen hopen en weten precies zo groot als deze vijf het zelf laten zien, en bij twee van hen kun je het opzoeken.
Wij volgen de podcasts van deze vijf en duiden hun uitspraken doorlopend in de claim checker.