Kun je dementie voorkomen met je leefstijl?
Leefstijl beïnvloedt je dementierisico wel degelijk: een derde van alle gevallen hangt samen met aanpasbare factoren zoals bewegen, bloeddruk en roken. Zeker als je al een verhoogd risico hebt, loont het om meerdere dingen tegelijk aan te pakken.
Ongeveer een derde van alle dementiegevallen hangt samen met aanpasbare risicofactoren zoals lichamelijke inactiviteit, roken en een hoge bloeddruk. Dat is geen garantie dat je dementie kunt voorkomen, maar het betekent wel dat leefstijl er serieus toe doet.
De sterkst onderbouwde risicofactoren zijn een hoge bloeddruk op middelbare leeftijd, diabetes, depressie en een laag opleidingsniveau. Deze zijn aangemerkt als de meest betrouwbaar vastgestelde verbanden in een grote meta-analyse van honderden prospectieve studies en gerandomiseerde trials. Roken vergroot het risico ook, maar het bewijs daarvoor is iets minder sterk. Het gaat hierbij om verbanden, geen bewezen oorzaken: of iets als depressie dementie veroorzaakt of eerder een vroeg symptoom is, staat nog niet vast.
Dat leefstijlverandering echt helpt, wordt ondersteund door gerandomiseerd onderzoek. De FINGER-trial (1.260 deelnemers, twee jaar) liet zien dat een combinatie van betere voeding, meer bewegen, cognitieve training en controle van bloeddruk en bloedsuiker het cognitief functioneren verbeterde ten opzichte van een groep die alleen algemeen gezondheidsadvies kreeg. Twee vergelijkbare grote trials (MAPT en PreDIVA) vonden geen significant effect in de hele groep, maar wel in deelgroepen met een verhoogd risico. Dat suggereert dat deze aanpak het meest oplevert als je al een verhoogd risico hebt.
Bij de alleroudsten (boven de tachtig) laten observationele studies zien dat een gezond voedingspatroon, beweging en sociale activiteiten beschermen tegen cognitieve achteruitgang, ook bij mensen met een genetisch risico. Maar hier ontbreekt gerandomiseerd onderzoek vrijwel volledig, dus dit is nog niet met zekerheid vastgesteld.
Leefstijlinterventies zijn over het algemeen veilig, maar niet zonder risico. In de FINGER-trial meldde 7% van de actieve deelnemers bijwerkingen, voornamelijk spierpijn en gewrichtsklachten, tegenover 1% in de controlegroep. Dat is een aandachtspunt als je kwetsbaar of ouder bent. Oestrogeentherapie als preventie voor dementie wordt op basis van stevig bewijs uitdrukkelijk afgeraden: het werkt niet. Voor afzonderlijke voedingssupplementen geldt hetzelfde: de resultaten zijn gemengd en er is geen enkel supplement waarover het bewijs sterk genoeg is voor een concrete aanbeveling.
Benieuwd hoe ver het onderzoek staat? Alzheimer Nederland houdt bij wat er bekend is over het voorkomen van dementie: Onderzoek naar het voorkomen van dementie.
Claims zijn gebaseerd op meerdere grote prospectieve studies, een meta-analyse van 243 prospectieve studies en 153 RCT's, en drie grote multidomein-trials (FINGER n=1260, MAPT, PreDIVA). Voor de alleroudsten gaat het om 27 observationele cohortstudies. Het bewijs voor individuele leefstijlfactoren is grotendeels observationeel; gerandomiseerd bewijs is beperkter maar aanwezig voor multidomein-interventies.