Hersengolven coördineren visuele informatie per laag
Je hersenen verwerken wat je ziet in meerdere lagen tegelijk. Onderzoekers hebben nu voor het eerst in detail gemeten welke hersengolven in welke laag actief zijn. Dat geeft een scherper beeld van hoe het brein informatie ordent, en wat er misgaat bij cognitieve veroudering.
Met behulp van gelijktijdige EEG en fMRI (twee technieken die elektrische en doorbloedingssignalen in de hersenen meten) onderzochten wetenschappers hoe verschillende frequenties van hersengolven gekoppeld zijn aan specifieke lagen van de visuele schors. De studie, gepubliceerd in eLife, laat zien dat gammagolven (snelle hersengolven) sterk samenhangen met het verwerken van specifieke visuele kenmerken in de oppervlakkige hersenlagen.
Alfagolven doen meer dan remmen
Eerder dachten onderzoekers dat alfagolven (langzamere hersengolven) voornamelijk een remmende functie hebben: ze zouden hersengebieden stilleggen die niet nodig zijn. Uit deze studie blijkt dat alfagolven ook actief bijdragen aan het verwerken van specifieke visuele informatie, zowel in oppervlakkige als in diepere hersenlagen. Die bevinding nuanceert het klassieke beeld aanzienlijk.
De laagspecifieke aanpak is nieuw. Door EEG en fMRI tegelijk te gebruiken konden de onderzoekers de elektrische signalen koppelen aan de exacte hersenplek en -laag. Zo wordt zichtbaar dat dezelfde hersengolf in verschillende lagen een andere rol speelt.
Relevantie voor veroudering
Veranderingen in de kracht en organisatie van hersengolven worden geassocieerd met cognitieve achteruitgang op leeftijd. Als beter begrepen wordt welke golven in welke lagen wat doen, kan dat toekomstige diagnostiek van vroege achteruitgang verbeteren. Dit onderzoek levert daarvoor een gedetailleerder kaart op. De klinische vertaling vraagt nog verder onderzoek.
Zoektermen om verder te zoeken: corticale laagspecifieke oscillaties EEG fMRI, alfagolf visuele verwerking hersenschors, gamma-oscillaties neurale codering