Hoe gevaarlijk is een heupbreuk voor hoe lang je leeft?
Een heupbreuk verhoogt de kans op overlijden jarenlang sterk, zeker bij oudere mannen en mensen met andere ziekten. Snel opereren (binnen 36 uur) lijkt de schade te beperken.
Een heupbreuk is aanzienlijk gevaarlijker dan de meeste mensen beseffen. In de eerste drie maanden na de breuk is het risico op overlijden vijf tot acht keer zo hoog als bij leeftijdsgenoten zonder breuk. Na dat eerste jaar daalt het risico wat, maar het blijft daarna jarenlang verhoogd: het keert nooit helemaal terug naar het niveau van mensen zonder breuk.
Hoe lang de verhoogde sterfte aanhoudt, is opvallend. In het eerste jaar na de breuk is de kans op overlijden bijna drie keer zo groot als bij leeftijdsgenoten. Daarna, zelfs na acht jaar, is het risico nog altijd bijna twee keer zo hoog. Mannen doen het gemiddeld slechter dan vrouwen: bij mannen die de breuk op 80-jarige leeftijd krijgen, is na tien jaar de cumulatieve oversterfte 20%. Bij vrouwen is dat 22%, maar het sterfterisico per jaar is bij mannen op elk moment hoger.
Niet iedereen loopt hetzelfde risico. Patiënten boven de 90, mannen, mensen met meerdere chronische ziekten tegelijk, en mensen met bloedarmoede bij opname lopen een extra groot risico om het ziekenhuis niet te verlaten. Dementie is daarbij een bijzonder zware factor: van de dementerende patiënten die een heupbreukoperatie ondergaan, overlijdt bijna vier op de tien binnen een jaar.
De timing van de operatie lijkt er toe te doen. Eén onderzoek onder 806 patiënten laat zien dat opereren binnen 36 uur de kans op overlijden na 30 dagen en na een jaar significant verlaagt. Wachten tot 48 uur was niet genoeg om een duidelijk effect te zien op de korte-termijnsterfte. Dit is nog geen definitief bewijs, want het is één retrospectief onderzoek en ziekere patiënten worden vaker later geopereerd, wat de resultaten kan vertekenen. Maar het geeft wel een concreet handvat voor ziekenhuisprotocollen.
Gebaseerd op twee grote meta-analyses (waaronder een cohort van 122.808 deelnemers met gemiddeld 12,6 jaar follow-up), een meta-analyse specifiek over dementie en heupbreuk, en twee kleinere cohortstudies over operatietiming en ziekenhuissterfte.