Kunnen eetproblemen zoals anorexia blijvende botschade geven?
Anorexia geeft in de meeste gevallen blijvende botschade, zeker als de aandoening begint tijdens de adolescentie. Bespreek botonderzoek met je arts als je of iemand die je kent hiermee te maken heeft.
Meer dan 85% van de vrouwen met anorexia heeft een botdichtheid die meer dan één standaarddeviatie onder het gemiddelde voor hun leeftijd ligt. Het risico op botbreuken ligt daarbij zevenmaal hoger dan bij mensen zonder anorexia. Dit is geen bijzaak: het gaat om een van de ernstigste lichamelijke complicaties van de aandoening.
De oorzaak ligt in een reeks hormonale verstoringen. Anorexia zorgt voor het wegblijven van de menstruatie, lage groeifactoren en verhoogde cortisolspiegels. Cortisol is een stresshormoon dat bot afbreekt. Al deze factoren samen hollen de botstructuur stelselmatig uit.
Bij jongeren is de schade extra groot. Botten groeien het sterkst tijdens de adolescentie, en anorexia vertraagt die groei aanzienlijk. Daardoor bereiken tieners met anorexia een lagere maximale botsterkte dan leeftijdsgenoten, en dat gemis is later moeilijk in te halen.
Na herstel verbetert de botdichtheid gedeeltelijk, maar volledig herstel treedt lang niet altijd op. Gewichtsherstel en terugkeer van de menstruatie zijn daarvoor de beste aanpak. Een via-de-huid-toegediende oestrogeentherapie kan bij adolescenten de botopbouw normaliseren, maar haalt het achterstand niet volledig in. Oestrogeen via de pil werkt hiervoor duidelijk minder goed. Botgeneesmiddelen zoals bisfosfonaten kunnen de botdichtheid bij volwassen vrouwen enigszins verbeteren, maar worden alleen bij ernstige gevallen ingezet omdat ze schade kunnen veroorzaken aan een ongeboren kind.
Ook wie niet in het klassieke ondergewichtsbereik valt maar wel fors is afgevallen, loopt risico op vergelijkbare lichamelijke complicaties. Botschade is dus niet uitsluitend voorbehouden aan de meest herkenbare verschijningsvorm van anorexia.
Alle claims zijn gebaseerd op meerdere gepubliceerde studies (PMID 24882734, 24731664, 24898127, 28298497, 40659363, 40048192, 36508318). De bewijskracht voor de botdichtheidsvermindering en het fractuurrisico is sterk; de behandelopties zijn matig tot beperkt onderbouwd.