Het bewijs wijst er consistent op dat dalende sirtuïne-activiteit bijdraagt aan verouderingsgerelateerde schade aan lever, nieren, bloedvaten en botten. Dat mechanistische verband is biologisch goed onderbouwd en deels bij mensen bevestigd. Maar of je sirtuïnes doeltreffend kunt opkrikken via supplementen zoals NAD+-boosters of resveratrol, en of dat bij mensen ook echt gezondheidswinst oplevert, is vooralsnog onzeker: de klinische studies ontbreken nog.
Sirtuïnes zijn een familie van zeven enzymen (aangeduid als SIRT1 tot en met SIRT7) die werken als een soort celonderhoudsteam: ze helpen DNA-schade repareren, houden chronische ontsteking in bedwang en sturen de stofwisseling aan. Ze zijn afhankelijk van NAD+, een stof waarvan de hoeveelheid in het lichaam afneemt naarmate we ouder worden. Meerdere studies laten zien dat de activiteit van sirtuïnes bij veroudering daalt, en dat dit samengaat met meer ziekte en snellere lichamelijke achteruitgang.
Het sterkste humane aanwijzingsmateriaal komt uit onderzoek naar orgaanschade. Bij oudere mensen met alcoholmisbruik was de activiteit van het enzym SIRT1 in witte bloedcellen aantoonbaar lager dan bij jongere mensen, en juist die groep had de ernstigste leverontsteking. Dat patroon werd zowel in mensenbloed als in muisexperimenten gevonden. Ook bij nierfunctiedaling zien onderzoekers veranderde sirtuïne-signalering als een meedrijvend mechanisme, al is de precieze oorzaak-gevolgrelatie daarin nog niet bewezen.
In diermodellen zijn de effecten indringender. Muizen waarbij SIRT3 kunstmatig werd verhoogd via gentransfer kregen minder beenmergstamcelveroudering en minder ouderdomsosteoporose. Het onderliggende mechanisme was betere opruiming van beschadigde mitochondriën, de energiecentrales van cellen. Dit zijn echter uitsluitend dierresultaten; of hetzelfde bij mensen optreedt, is onbekend. Evenzo lieten laboratorium- en muisstudies zien dat een stof genaamd PDRN (afkomstig uit zalmsperma) SIRT1-afbraak in huidcellen remde, maar ook daar ontbreekt klinisch bewijs bij mensen.
Een interessante nieuwe richting is de link met de darmgezondheid. Naarmate mensen ouder worden, produceren darmbacteriën minder acetaat, een vetzuur dat normaal via SIRT1 ontstekingsbevorderende signalen in bloedvatwandcellen onderdrukt. Minder acetaat betekent minder SIRT1-werking en meer bloedvatveroudering. Natriumacetaat werd in dit onderzoek als mogelijke therapie geopperd, maar klinische studies bij mensen zijn er nog niet.
Voor het activeren van sirtuïnes via supplementen, zoals resveratrol-achtige stoffen of NAD+-boosters, zijn de aanwijzingen bij mensen nog beperkt. Overzichtsartikelen erkennen het potentieel voor hart- en vaatbescherming, maar geven tegelijk aan dat de chemische werking van sirtuïnes nog onvoldoende begrepen is en dat stevige klinische resultaten uitblijven. Wie nu sirtuïne-activerende supplementen neemt in de hoop op een langer leven, loopt daarmee vooruit op bewijs dat er nog niet is.
Gebaseerd op twee overzichtsartikelen, vier specifieke mechanistische studies (deels in mensen, deels in dier- en celmodellen) en één lab/diermodel-studie. Geen grote gerandomiseerde klinische trials beschikbaar als bron.