Vitamine D alleen vermindert het fractuurrisico niet aantoonbaar. Pas in combinatie met calcium laten grote studies een bescheiden maar significante reductie zien, vooral bij ouderen en mensen met een tekort. Voor de gemiddelde gezonde volwassene zonder tekort is het nut van suppletie onduidelijk.
Vitamine D alleen, zonder extra calcium, vermindert het risico op botbreuken niet aantoonbaar. Een grote meta-analyse (PMID 31860103) liet zien dat het risico op alle fracturen bij suppletie met vitamine D nauwelijks verschilde van placebo (RR 1,06) en ook voor heupfracturen was er geen significant effect (RR 1,14). Ook op botdichtheid heeft vitamine D alleen vrijwel geen effect: alleen op één specifieke meting aan de bovenkant van het dijbeen werd een klein voordeel gevonden, maar niet op de heup als geheel (PMID 24119980). De onderzoekers concludeerden dat breed gebruik van vitamine D ter preventie van botontkalking bij mensen zonder aantoonbaar tekort niet passend lijkt.
De combinatie van vitamine D én calcium is een ander verhaal. Twee grote meta-analyses laten hier wél een beschermend effect zien. De ene (PMID 31860103, bijna 50.000 deelnemers in 6 gerandomiseerde studies) vond een 6% lagere kans op alle breuken en 16% minder heupfracturen. De andere (PMID 26510847, bijna 31.000 deelnemers in 8 studies) vond zelfs 15% minder breuken in het algemeen en 30% minder heupfracturen. Dit gaat om doses van ruwweg 400-800 IE vitamine D per dag gecombineerd met 1000-1200 mg calcium per dag.
In bevolkingsonderzoek (observationeel, dus geen experiment) zien we dat mensen met hogere vitamine D-spiegels in hun bloed minder botbreuken krijgen: per 10 ng/mL hogere spiegel is er 7% minder kans op alle breuken en 20% minder kans op een heupbreuk (PMID 31860103). Maar dit bewijst geen oorzakelijk verband: mensen met hogere spiegels kunnen op andere manieren ook gezonder leven.
Vitamine D suppletie is vooral zinvol voor mensen met een aantoonbaar vitamine D-tekort of een verhoogd fractuurrisico, zoals ouderen en bewoners van verpleeghuizen. Bij deze groepen lijkt de combinatie van calcium en vitamine D het meest effectief (PMID 38892706, PMID 32972636). Bij mensen zonder tekort en zonder verhoogd risico is het nut van suppletie dus veel minder duidelijk.
Richtlijnen voor osteoporosebehandeling plaatsen vitamine D als een ondersteunende maatregel binnen een breder pakket: naast specifieke medicijnen, voldoende calcium, valpreventie en lichaamsbeweging (PMID 35478046, PMID 28761958). Vitamine D alleen is nadrukkelijk geen vervanging voor bewezen medicamenteuze behandeling als er sprake is van osteoporose.
Twee grote meta-analyses van RCT's vormen de kern (PMID 31860103 en 26510847, samen ~80.000 deelnemers). Aangevuld met een meta-analyse over botdichtheid (PMID 24119980) en richtlijnpublicaties (PMID 35478046, 28761958, 38892706, 32972636). De bewijssterkte voor het onderscheid vitamine D alleen versus vitamine D + calcium is sterk; voor de subgroepeffecten bij ouderen en geïnstitutionaliseerde patiënten matig.