Is hormoontherapie bij de overgang veilig en zinvol?
Hormoontherapie werkt uitstekend tegen opvliegers en beschermt botten, maar verhoogt tegelijk het risico op beroerte en bloedstolsels. Of het voor jou zinvol en veilig is, hangt af van je persoonlijke risicoprofiel, je klachten en de vorm en duur van gebruik: bespreek dit met je arts.
Hormoontherapie vermindert opvliegers krachtiger dan welke andere behandeling ook: vrouwen die hormonen namen, hadden gemiddeld 75% minder opvliegers per week dan vrouwen die een placebo kregen. Dat het placebo-effect zelf ook al flink is, maakt het voordeel van hormonen iets minder dramatisch dan dat getal suggereert, maar het is reëel en groot. Botbreuken komen bij vrouwen die hormoontherapie gebruiken duidelijk minder voor: het risico op alle botbreuken ligt circa een vijfde lager dan bij niet-gebruik.
Niet alle effecten zijn positief. Het risico op een beroerte stijgt met 17 tot 23%. Het risico op een bloedstolsel in een ader, bijvoorbeeld in het been of de longen, stijgt met 60% bij gebruik van orale hormonen. Die risico's dalen niet wanneer je eerder met hormoontherapie begint. Combinatietherapie van oestrogeen met progestageen verhoogt bovendien het risico op borstkanker bij gebruik langer dan drie tot vijf jaar. Vrouwen die alléén oestrogeen gebruiken (alleen mogelijk zonder baarmoeder) lijken dit borstkankerrisico in mindere mate te lopen.
Het tijdstip van starten maakt voor het hart wel verschil. Vrouwen die binnen tien jaar na de overgang beginnen, hebben een lager risico op overlijden en hart- en vaatproblemen dan vrouwen die veel later starten. Oestrogeen alleen lijkt ook de sterfte door hart- en vaatziekten te verlagen, maar die gunstige werking geldt niet voor de combinatietherapie.
De manier van toediening is relevant voor het stolselrisico. Hormonen via de huid, zoals pleisters of gel, lijken het risico op een bloedstolsel niet of nauwelijks te verhogen, ook niet bij vrouwen die al een verhoogd risico hebben. Orale hormonen gecombineerd met een synthetisch progestageen geven het hoogste stolselrisico.
Vrouwen met een baarmoeder moeten altijd ook een progestageen gebruiken: oestrogeen alleen verhoogt bij elke dosis het risico op gevaarlijke afwijkingen van het baarmoederslijmvlies. Met de juiste combinatie is dat risico goed te beheersen. Bijkomend nadeel dat weinig besproken wordt: hormoontherapie vergroot de kans op galstenen en galblaasingrepen. Voor vrouwen die geen hormonen mogen of willen gebruiken, zijn bepaalde antidepressiva zoals paroxetine of venlafaxine, en het middel gabapentine, bewezen effectieve alternatieven voor opvliegers, al zijn ze minder krachtig dan oestrogeen. Yoga, zilverkaars, omega-3 of acupunctuur werken bij opvliegers niet beter dan een placebo.
Dit antwoord steunt op meerdere grote overzichten van tientallen studies, waaronder twee brede umbrella-reviews en een specifieke cardiovasculaire analyse. De bevindingen over opvliegers en botbreuken worden gedragen door sterk, herhaaldelijk bevestigd bewijs. De cardiovasculaire risico's (beroerte, bloedstolsel) zijn eveneens goed gedocumenteerd. De bevinding over transdermale toediening bij mensen met verhoogd stolselrisico is gebaseerd op beperktere gegevens en verdient voorbehoud. Het effect op depressieve klachten is slechts klein en de bewijskracht is beperkt.
Helpt hormoontherapie vrouwen gezonder oud te worden?
Hormoontherapie verlicht menopauzale klachten goed en heeft positieve aanwijzingen voor botten en stofwisseling, maar de effecten op hart en hersenen zijn onzeker en persoonsafhankelijk. Of het voor jou zinvol is, hangt sterk af van je klachten, timing en gezondheidsgeschiedenis: bespreek het met je arts.
Welke hormoonwaarden worden getest bij de overgang?
Bij de overgang worden vooral FSH, LH, oestradiol, progesteron, testosteron en AMH gemeten; verhoogd FSH samen met gedaald oestradiol (onder 20 pg/ml) is het meest betrouwbare teken dat de overgang is begonnen, maar laat uitslagen altijd toelichten door je arts, want lichaamsgewicht en achtergrond beïnvloeden de normaalwaarden.
Welke supplementen helpen echt bij de overgang?
Soja-isoflavonen en fyto-oestrogenen uit rode klaver hebben de beste onderbouwing bij overgangsklachten, vooral bij opvliegers. Voor vitamine D is er matig bewijs dat het botbreuken helpt voorkomen, wat tijdens en na de overgang extra relevant is.
Helpt testosteron na je 50e en is het gevaarlijk?
Bij mannen boven de 50 met een aangetoond laag testosteron laat onderzoek positieve effecten zien op seksuele functie en stemming. Grote hartproblemen en prostaatkanker treden daarbij niet aantoonbaar vaker op. Eén voorbehoud dat je keuze kan beïnvloeden: er is een mogelijk verhoogd risico op een onregelmatig hartritme en botbreuken.
Verstoort de overgang mijn slaap, en wat helpt daartegen?
De overgang verstoort je slaap echt, vooral door opvliegers en hormonale veranderingen. Een praatvorm van therapie gericht op slaapproblemen (CGT-I) is de beste eerste stap; hormoontherapie of melatonine kunnen daarna in beeld komen.
Wat doet de overgang met je risico op hart- en vaatziekten?
De overgang verhoogt je risico op hart- en vaatziekten aantoonbaar, vooral door ongunstige veranderingen in vet, cholesterol en bloeddruk. Heb je vroeg de overgang of overweeg je hormoontherapie, bespreek dan je persoonlijk risicoprofiel met je arts.