De DXA-scan is de vastgestelde standaard voor het meten van botdichtheid en levert met de T-score een concrete drempelwaarde op voor de diagnose osteoporose. Aanvullend geeft het FRAX-instrument een inschatting van het persoonlijke breukrisico voor de komende tien jaar. Mannen worden in de praktijk sterk ondergediagnosticeerd, terwijl hun sterfte na een eerste breuk hoger is dan bij vrouwen. Wie risicofactoren heeft, doet er verstandig aan dit proactief met een arts te bespreken, zonder te wachten op klachten.
De meest betrouwbare manier om botsterkte te meten is de DXA-scan (dual-energy X-ray absorptiometry), een pijnloze scan met lage stralingsdosis die de botmineraaldichtheid bepaalt. De uitkomst is een T-score: bij -2.5 of lager is er sprake van osteoporose, tussen -1 en -2.5 van osteopenie (verminderde botdichtheid, maar nog geen osteoporose). De scan duurt slechts een paar minuten.
Osteoporose verloopt lang zonder klachten, waardoor veel mensen de diagnose pas krijgen na een botbreuk bij een kleine klap of val van staande hoogte, een zogeheten 'fragility fracture'. Het vroegste signaal is vaak plotselinge rugpijn door een wervelbreuk, of pijn in lies of dij door een heupbreuk. Heb je risicofactoren, wacht dan niet op klachten maar bespreek een scan met je huisarts.
Naast de DXA-scan bestaat het FRAX-instrument: een rekenhulpmiddel dat op basis van leeftijd, geslacht, lengte, gewicht en andere risicofactoren berekent hoe groot de kans op een botbreuk in de komende tien jaar is. Bij een hoog FRAX-risico, of als je al een fragility fracture hebt doorgemaakt, kan de diagnose osteoporose ook zonder DXA-scan worden gesteld.
Bepaalde aandoeningen en gewoonten verhogen het risico aanzienlijk: een laag testosteron- of oestrogeengehalte (waaronder de overgang bij vrouwen), langdurig gebruik van glucocorticoïden (cortisonmedicijnen), overmatig alcoholgebruik, schildklier- of bijschildklierproblemen, en langdurige bedrust of immobilisatie. Tot de helft van de gevallen bij mannen heeft zo'n secundaire oorzaak. Mannen worden sterk onderschat: ongeveer 40% van alle osteoporotische botbreuken treft mannen, maar slechts 10% van hen krijgt adequate behandeling, terwijl het sterftecijfer na een eerste breuk bij mannen zelfs hoger ligt dan bij vrouwen.
Is osteoporose eenmaal vastgesteld, dan zijn er effectieve medicijnen die het breukrisico verlagen, waaronder bisfosfonaten, denosumab, teriparatide en romosozumab. Welk middel het meest geschikt is, hangt af van de ernst en persoonlijke risicofactoren. Sommige middelen hebben zeldzame maar ernstige bijwerkingen, zoals atypische dijbeenbreuken en kaakbotnecrose; behandelingsduur en eventuele 'medicijnvakanties' moeten daarom individueel met een arts worden afgesproken. Leefstijlmaatregelen zoals voldoende calcium en vitamine D, regelmatige lichaamsbeweging, niet roken en beperkt alcoholgebruik zijn belangrijk voor botgezondheid, maar vervangen bij vastgestelde osteoporose geen medische behandeling.
Claims zijn gebaseerd op meerdere richtlijnen en reviews (PMIDs: 39448132, 34688418, 36382763, 33017332, 21450337, 9431639, 41252575, 34023036). De diagnostische waarde van DXA en de T-score zijn sterk onderbouwd. Leefstijladviezen zijn matig onderbouwd (geen grote RCT's in de aangeleverde bronnen).