Groot gerandomiseerd onderzoek laat geen beschermend effect zien van visolie-supplementen (EPA+DHA) op hartritmestoornissen in het algemeen, en hoge doses verhogen het risico op boezemfibrilleren aantoonbaar. Het plantaardige ALA geeft een zwak positief signaal, maar dat steunt op slechts twee studies. De hoop op omega-3 als anti-aritmisch middel is in goed opgezet onderzoek niet uitgekomen.
Visolie-supplementen (EPA en DHA) helpen niet aantoonbaar tegen hartritmestoornissen in het algemeen. Een grote Cochrane-meta-analyse van 30 gerandomiseerde studies met bijna 78.000 deelnemers vond een risicogespreiding van vrijwel 1,0, wat betekent: geen meetbaar verschil ten opzichte van placebo. Hetzelfde onderzoek liet ook zien dat visolie weinig of geen effect heeft op totale sterfte of het totale aantal hart- en vaatgebeurtenissen. Dit zijn bevindingen uit groot, goed opgezet onderzoek.
Er is echter een ernstige veiligheidswaarschuwing voor mensen die hoge doses visolie-supplementen gebruiken: meerdere grote, goed opgezette gerandomiseerde studies tonen aan dat hoge doses omega-3 supplementen, zowel puur EPA (icosapent ethyl) als de combinatie EPA+DHA, het risico op boezemfibrilleren (de meest voorkomende klinisch relevante hartritmestoornis) significant verhogen. Dit effect is dosisafhankelijk: hogere doses geven een groter risico. Boezemfibrilleren werd in eerdere onderzoeken juist gehoopt te voorkomen met omega-3, maar die eerdere veelbelovende resultaten zijn niet bevestigd in latere, beter opgezette studies. Hoge doses visolie zijn dus geen behandeling voor boezemfibrilleren, en verhogen het risico er bovendien op.
Het plantaardige omega-3 vetzuur ALA (alfa-linoleenzuur, uit bijvoorbeeld lijnzaad) geeft op basis van twee studies met bijna 5.000 deelnemers een beperkte aanwijzing voor een lichte verlaging van het risico op hartritmestoornissen (risicogespreiding 0,73). Het absolute voordeel is klein: gemiddeld moet één op de 91 mensen met ALA behandeld worden om één geval te voorkomen. Het bewijs is matig van kwaliteit en steunt op slechts twee studies, dus dit is geen vaststaand feit, maar het is wel opvallend dat ALA een positiever beeld geeft dan EPA of DHA.
Over plotse hartdood door hartritmestoornissen bestaat een meer complex beeld. Twee oudere gerandomiseerde studies vonden een vermindering van plotse hartdood bij matige tot hoge doses omega-3, en dierproeven laten een direct anti-aritmisch effect zien. Maar deze bevindingen zijn in latere studies niet breed herhaald, en het is onduidelijk of het om EPA, DHA of de combinatie gaat. Er zijn ook oudere epidemiologische gegevens (associatiestudies, geen gecontroleerde proeven) die een verband suggereren tussen het eten van vis met DHA en minder plotse hartdood. Dit blijft echter onbewezen causaliteit. Visolie-supplementen kunnen op dit punt niet worden aanbevolen op basis van het huidige bewijs.
Omega-3 vetzuren worden in een systematische review over leefstijlinterventies bij boezemfibrilleren niet als bewezen effectieve aanpak genoemd. Effectieve strategieën voor boezemfibrilleren zijn volgens datzelfde overzicht: bloeddrukcontrole, gewichtsverlies, stoppen met alcohol en behandeling van slaapapneu. Wie het risico op boezemfibrilleren wil verlagen, kan dus beter op die terreinen actie ondernemen dan rekenen op omega-3 supplementen.
Gebaseerd op een Cochrane-meta-analyse van 30-86 RCT's (tot 162.000 deelnemers, PMID 32114706), meerdere grote RCT's over boezemfibrilleren (PMID 39102482), een systematische review over leefstijl bij AF (PMID 34583808), oudere RCT-data over plotse hartdood (PMID 22051327) en oudere epidemiologische data over DHA en plotse hartdood (PMID 10479465). De zekerheid van het bewijs over algemene aritmie en totale sterfte is laag tot matig; het verhoogde AF-risico bij hoge doses komt uit sterk RCT-bewijs.