Helpt traplopen echt iets voor mijn hart?
Ja, traplopen helpt echt iets voor je hart. Dagelijks zo'n 50 tot 100 treden hangt samen met minder hartinfarcten, beroertes en onregelmatige hartslagen, al is dit op basis van waarnemingsstudies, niet van experimenten.
De sterkste aanwijzingen komen uit een studie onder bijna 459.000 Britten, gemiddeld 12,5 jaar gevolgd1. Dagelijks meer dan vijf trappen, zo'n 50 treden, hing samen met 16 tot 22% lager risico op een hart- of herseninfarct. Dat gold ongeacht je genetische aanleg voor hartziekten. Opvallend: mensen die er tussentijds mee stopten, hadden zelfs 32% hoger risico dan mensen die het nooit deden. Volhouden telt dus echt.
Een tweede studie met 117.384 deelnemers en 13 jaar follow-up onderzocht traplopen in combinatie met voeding2. Wie dagelijks 60 tot 100 treden liep én een mediterraan of DASH-dieet volgde, had 14 tot 22% minder kans op ernstige hartproblemen. Boven de 100 tot 150 treden per dag verdween het extra voordeel. Er zit dus een plafond in.
Twee Japanse studies voegen iets toe. In een studie onder 6.575 mensen hing regelmatig traplopen samen met 31% minder kans op atriumfibrilleren, een onregelmatige hartslag die zelf het beroerterisico vergroot3. Dat verband bleef overeind na correctie voor andere leefstijlfactoren. Een verwante analyse liet zien dat frequente trapgebruikers ook op andere vlakken gezonder leefden4. Oorzaak en gevolg zijn daar lastig te scheiden.
Een Japans cohort van 7.282 mensen over gemiddeld 16,6 jaar vond aanvankelijk 22 tot 28% lager risico bij regelmatige trapgebruikers5. Dat verband werd zwakker zodra de onderzoekers corrigeerden voor andere gezonde gewoonten. Dit geldt eigenlijk voor al deze studies: wie de trap neemt, leeft doorgaans ook op andere manieren gezonder. Het zelfstandige effect van traplopen is daardoor moeilijk te isoleren.
Of traplopen ook direct de hartfunctie verbetert bij mensen mét een hartziekte, blijft onduidelijk. Een kleine studie met slechts 18 hartpatiënten liet na 12 weken traploop-training nauwelijks meetbare verbetering zien6. De studie was veel te klein voor harde conclusies en zegt weinig over gezonde mensen.
Alle gebruikte studies zijn waarnemingsstudies, op één kleine studie bij hartpatiënten na waarbij deelnemers willekeurig werden ingedeeld. Gevonden verbanden zijn geen bewijs voor oorzaak en gevolg: gezondere mensen nemen nu eenmaal vaker de trap én leven op andere vlakken gezonder. De grootste studies tellen honderdduizenden deelnemers en decennia follow-up, wat het bewijs stevig maakt, maar niet sluitend causaal.