Helpen multivitaminen om gezond ouder te worden?
Voor cognitie hebben multivitaminen de beste onderbouwing bij ouderen. Voor een langer leven of een gezonder hart is er geen overtuigend bewijs, en bij aanleg voor maculadegeneratie is voorzichtigheid op zijn plaats.
Voor cognitie is het bewijs het sterkst. Meerdere gerandomiseerde studies laten zien dat multivitaminen bij ouderen het geheugen en de algemene cognitie verbeteren1. Dit is een van de consistentere bevindingen in dit onderzoeksveld.
Voor kankerrisico is er een voorzichtig positief signaal. Een meta-analyse van drie grote studies, waaronder COSMOS en PHS2, vond een kleine maar statistisch significante risicoverlaging, maar het effect was zichtbaar bij mannen en niet bij vrouwen2. Houd die nuance in gedachten.
Op hart- en vaatgezondheid en sterfte doet een multivitamine weinig tot niets. Een studie van zes maanden testte een combinatie van tien populaire supplementen plus een multivitamine bij gezonde volwassenen. Er was geen enkel effect op bloeddruk, bloedvetten, bloedsuiker of ontstekingswaarden3. Gerandomiseerde én observationele studies bevestigen dat multivitaminen de algehele sterfte niet verlagen1.
Er is één veiligheidssignaal dat je serieus moet nemen: een meta-analyse koppelde multivitaminesuppletie aan een hoger risico op snellere achteruitgang bij maculadegeneratie, een oogaandoening1. Heb je aanleg voor die aandoening, dan weegt dit mee in de afweging.
Tot slot: standaard multivitaminen bevatten meestal te weinig vitamine D om bij ouderen in een verpleeghuis voldoende spiegels te bereiken; doseringen onder 20 microgram per dag zijn daarvoor onvoldoende4. En slechts circa 11% van 2.877 onderzochte Chinese honderdjarigen gebruikte überhaupt supplementen5, al zegt dat niets over oorzaak en gevolg. Richtlijnen erkennen dat een multivitamine handig kan zijn om tekorten op te vangen bij een matig dieet, maar voeding blijft altijd de eerste keuze6.
De claims zijn gebaseerd op meerdere gerandomiseerde studies en een meta-analyse van drie grote gerandomiseerde studies (PMID 37561385, 41308839), aangevuld met observationeel en laboratoriumonderzoek. De bewijskracht verschilt per uitkomst: matig voor cognitie en kankerrisico, beperkt voor telomeren en mechanismen. Alle claims komen uit de meegegeven PMID-bronnen.