Zal een arts rapamycine voorschrijven?
Bij erkende indicaties zoals niertransplantatie of TSC schrijven artsen rapamycine of verwante middelen wél voor; voor gezonde mensen die veroudering willen remmen zal een reguliere arts dat momenteel niet doen, omdat het bewijs daarvoor onvoldoende is.
Rapamycine (ook bekend als sirolimus) is al jaren goedgekeurd als geneesmiddel en wordt in de klinische praktijk actief voorgeschreven na niertransplantatie. In sommige landen is het meten van de bloedspiegels zelfs wettelijk verplicht, wat laat zien hoe serieus dit middel in de gereguleerde geneeskunde is ingebed1.
Buiten niertransplantatie schrijven artsen ook verwante stoffen voor die op dezelfde manier werken als rapamycine. Everolimus, een nauw verwant middel dat dezelfde biologische route blokkeert, wordt gebruikt bij patiënten met Tubereuze Sclerose Complex (TSC), een zeldzame genetische aandoening waarbij onder meer ernstige epilepsie kan optreden. In een Duits multicenteronderzoek onder 268 TSC-patiënten ontving 32,5% everolimus2. Na levertransplantatie worden sirolimus en everolimus ook ingezet als alternatief voor een andere klasse afweeronderdrukkende middelen, blijkt uit een meta-analyse van meerdere gerandomiseerde onderzoeken3.
Een heel andere vraag is of een arts rapamycine zal voorschrijven aan gezonde mensen die veroudering willen vertragen. Dat gebeurt buiten goedgekeurde indicaties en is vooralsnog niet de standaard. Dieronderzoek laat positieve signalen zien, maar de vertaling naar mensen loopt stroef: klinische studies geven vaak niet de resultaten die men hoopte, en vallen regelmatig onder de verwachtingen4. Er is daarmee onvoldoende basis voor een arts om rapamycine als anti-verouderingsmiddel voor te schrijven.
Samengevat hangt het antwoord dus volledig af van de situatie van de patiënt. Bij goedgekeurde indicaties zoals niertransplantatie of TSC is voorschrijven heel gebruikelijk. Buiten die indicaties, en zeker bij gezonde mensen die hun veroudering willen remmen, zal een reguliere arts dit momenteel niet voorschrijven.
Vier claims op basis van drie PMID's voor klinisch gebruik (12742490, 33792454, 25247332) en één voor anti-verouderingsonderzoek (33314257). De claims over transplantatie en TSC zijn goed onderbouwd; de claim over anti-veroudering is gebaseerd op beperkt, tegenvallend bewijs.