Waarom vermenigvuldigen beschadigde cellen zich soms toch in plaats van zichzelf op te ruimen?
Beschadigde kankercellen overleven doordat ze hun eigen zelfreinigings- en zelfvernietigingsmechanismen actief blokkeren of ombuigen. Dit is ook een van de hoofdredenen waarom chemotherapie soms niet aanslaat, en verklaart waarom onderzoekers deze blokkades als behandeldoel onderzoeken.
Cellen hebben meerdere mechanismen om zichzelf op te ruimen als er iets misgaat: ze kunnen zichzelf geordend laten sterven (apoptose), beschadigde onderdelen recyclen (autofagie), of via een meer explosieve ontstekingsdood (pyroptose) verdwijnen. Bij kanker worden al deze mechanismen op verschillende manieren gekaapt of uitgeschakeld.
Apoptose, de bekendste vorm van geprogrammeerde celdood, is bij kankercellen vaak geblokkeerd. Kankercellen produceren eiwitten die afbraaksignalen van beschadigde eiwitten verwijderen, waardoor de 'zelfmoordknop' niet meer werkt. Het gevolg is dubbel problematisch: de cellen overleven niet alleen langer, ze worden ook veel moeilijker te doden met chemotherapie. Chemotherapie werkt namelijk grotendeels doordat het apoptose triggert, en als dat pad geblokkeerd is, mist de behandeling haar doel.
Autofagie, het recyclingmechanisme van de cel, gedraagt zich nog ingewikkelder. In een vroeg stadium remt het tumorvorming, maar in gevorderde kanker draait de rol om: de tumor gebruikt autofagie juist als overlevingsstrategie. Welke factoren precies de schakelaar omzetten, is nog niet volledig bekend.
Er is ook een paradox bij celdood zelf: in agressieve tumoren gaan er juist veel cellen dood, maar dat helpt de kanker eerder vooruit dan dat het haar afremt. De dode kankercellen zetten het immuunsysteem aan op een manier die herstel- en groeisignalen opwekt in de omgeving van de tumor. Overlevende kankercellen profiteren daarvan. Ten slotte heeft pyroptose, een derde vorm van celdood waarbij een ontstekingsreactie losbarst, een onduidelijke dubbelrol in tumoren: soms doodt het tumorcellen, soms helpt het de tumor juist het immuunsysteem te ontwijken. Dat hangt af van de context, en onderzoek hiernaar staat nog in de preklinische fase.
Alle claims zijn gebaseerd op review- en onderzoeksliteratuur met een matige tot sterke bewijskracht voor de apoptose-ontwijking bij therapieresistentie. De rol van autofagie in late tumorstadia en pyroptose zijn minder goed onderbouwd en gedeeltelijk gebaseerd op associationeel of preklinisch onderzoek.