Heeft het behandelen van ontstekingen in de kransslagaders via medicijnen echt zin voor je hartgezondheid op de lange termijn?
Gerichte ontstekingsremming, met name via colchicine in lage dosering, verlaagt het risico op ernstige hartgebeurtenissen meetbaar bij mensen met kransslagaderziekte. Bespreek met je cardioloog of dit voor jou relevant is, want niet elk middel werkt en er zijn veiligheidsaspecten die zorgvuldige afweging vereisen.
Zelfs als het slechte cholesterol (LDL) goed onder controle is, loopt een groot deel van de patiënten met kransslagaderziekte nog steeds een verhoogd risico op een hartaanval. Een aanzienlijk deel van dat risico komt door aanhoudende laaggradige ontsteking in de vaatwand. Die ontsteking is bovendien een sterke voorspeller van herhaalde hartgebeurtenissen, ook bij mensen die al de beste beschikbare medicatie krijgen.
Colchicine in lage dosering (0,5 mg per dag) heeft inmiddels de meest overtuigende resultaten. Na een recente hartaanval daalde het risico op ernstige hartgebeurtenissen met 23% ten opzichte van een nepmiddel. Ook bij mensen met stabiele, chronische kransslagaderziekte liet een grote studie (LoDoCo2) een gunstig effect op de lange termijn zien. Canakinumab, een middel dat gericht één specifieke ontstekingsstof (interleukine-1 beta) blokkeert, verlaagde het risico op ernstige hartgebeurtenissen met 15% bij patiënten met een verhoogde ontstekingswaarde na een doorgemaakt hartinfarct.
Niet elk ontstekingsremmend middel werkt bij hartziekte. Laaggedoseerd methotrexaat, een middel dat bij reumatoïde artritis veel gebruikt wordt, werd in een grote gerandomiseerde studie (CIRT) getest bij patiënten met kransslagaderziekte en diabetes of overgewichtsproblemen. Die studie werd vroegtijdig gestopt omdat er geen enkel voordeel voor het hart zichtbaar was.
Bij colchicine is er een veiligheidssignaal dat serieus genomen moet worden: in sommige studies was er een mogelijk hoger aantal sterfgevallen door niet-hartgerelateerde oorzaken. Dit verband is nog niet bewezen, maar het laat zien dat je dit soort behandeling niet op eigen houtje moet starten. Gebruik wordt dan ook afgestemd op de individuele patiënt. Ondanks het bewijs voor colchicine en canakinumab zijn ontstekingsremmers nog niet standaard opgenomen in de officiële behandelrichtlijnen; de praktijk loopt dus nog achter op het beschikbare onderzoek.
Tot slot verschilt de winst per persoon. Patiënten met een meetbaar verhoogde ontstekingswaarde in het bloed lijken het meest baat te hebben. Onderzoek naar betere selectiecriteria om te bepalen wie het meest profiteert, loopt nog.
Alle claims zijn gebaseerd op reviews. De CANTOS-, COLCOT- en LoDoCo2-studies worden in meerdere reviews geciteerd als bewijs voor klinisch effect; de CIRT-studie als bewijs voor ontbreken van effect. Er zijn geen directe meta-analyses of originele RCT-rapporten in de bronnenlijst opgenomen.