Moet ik statines nemen als ik (nog) geen hartprobleem heb?
Of statines zinvol zijn hangt af van jouw persoonlijk risico. Bij een berekend 10-jaarsrisico van 10% of hoger én minstens één risicofactor, zoals hoge bloeddruk, diabetes of roken, raden grote richtlijnen statines aan voor mensen van 40 tot 75 jaar.
Statines kunnen je beschermen tegen een eerste hartinfarct of beroerte, ook als je er nog nooit één hebt gehad. Maar of dat voor jóu zinvol is, hangt sterk af van je persoonlijk risico. Een meta-analyse van 22 trials met ruim 90.000 deelnemers laat zien dat statines bij mensen met een verhoogd risico de kans op een hartinfarct met zo'n 33% verlagen en op een beroerte met zo'n 22%. In absolute getallen: bij 100 mensen die 2,5 jaar slikken, voorkom je bij gemiddeld één persoon een ernstige hart- of vaatgebeurtenis. Bescheiden dus, maar bij een hoog persoonlijk risico kan dat verschil wél groot zijn.1
Niet iedereen heeft evenveel baat. Voor mensen van 50 tot 75 jaar vond een aparte meta-analyse geen bewijs dat statines de totale sterfte verlagen; slechts één van de acht onderzochte studies toonde dat aan.2 De Amerikaanse preventieve taakgroep adviseert statines voor mensen van 40 tot 75 jaar met minstens één risicofactor (hoge bloeddruk, verhoogd cholesterol, roken of diabetes) én een berekend 10-jaarsrisico van 10% of hoger. Zit je tussen de 7,5 en 10%? Dan beslis je dat samen met je arts. Boven de 76 jaar zonder bestaande hartziekte is er simpelweg te weinig bewijs voor een aanbeveling.3
Bijwerkingen verdienen een eerlijk gesprek. Spierpijnklachten komen iets vaker voor, maar klinisch bevestigde spieraandoeningen werden niet significant vaker gevonden. Lichte leverfunctieproblemen zijn ook beschreven. Het risico op type 2 diabetes is over het geheel niet significant verhoogd, al vond één studie bij hoog-intensieve statines wel een 25% hoger risico. Volgens de grootste meta-analyse wegen de bijwerkingen niet op tegen de beschermende effecten.4
Mensen met type 1 diabetes zonder eerdere hartziekte lijken duidelijk baat te hebben. In een studie bij ruim 20.000 mensen was statinegebruik gekoppeld aan 1,66 tot 3,48 procentpunt minder sterfte en 1,63 tot 2,69 procentpunt minder hart- en vaatgebeurtenissen over tien jaar. Het effect was groter bij vrouwen, bij mensen van 40 jaar en ouder, en bij hogere cholesterolwaarden. Omdat het een observationele studie is, kun je geen oorzakelijkheid vaststellen, maar de uitkomsten sluiten wel aan bij wat gerandomiseerde trials laten zien.5
Er zijn ook kritische wetenschappelijke geluiden. Een groep onderzoekers betoogt dat statinestudies door relatieve in plaats van absolute cijfers hun voordelen groter laten lijken, en dat het oorzakelijk bewijs voor cholesterol als schuldige zwakker is dan vaak wordt gepresenteerd. Dit is een minderheidsstandpunt dat de meeste cardiologen betwisten, maar het benadrukt wél dat de absolute effecten bescheiden zijn.6,7
De kern van het bewijs bestaat uit drie meta-analyses (PMID 35997724, 33196766, 34261627) met samen tienduizenden deelnemers. De USPSTF-richtlijn (PMID 35997723) biedt het praktische kader. Een grote observationele studie bij type 1 diabetes vult aan (PMID 40930617). Twee kritische opiniestukken zijn meegenomen als minderheidsstandpunt (PMID 30198808, 25672965). In totaal gaat het om circa 150.000+ unieke deelnemers in de gerandomiseerde bewijsbase, waarbij deelnemersaantallen tussen meta-analyses deels overlappen.