Hoe vaak moet je je HbA1c laten meten?
Er is geen vaste meetfrequentie die voor iedereen geldt: hoe vaak je je HbA1c laat meten hangt af van je situatie, maar minstens één keer per jaar is zinvol als je prediabetes of diabetes hebt of risico loopt. Bespreek de juiste frequentie met je huisarts of internist.
HbA1c is een maat voor je gemiddelde bloedsuiker over de afgelopen twee tot drie maanden. Een waarde tussen 5,7% en 6,4% wijst op prediabetes, een waarde van 6,5% of hoger op diabetes. Prediabetes verhoogt het risico op hart- en vaatziekten al merkbaar, dus vroegtijdig meten heeft zin.
Hoe vaak je moet meten hangt af van je situatie. Heb je diabetes en gebruik je insuline, dan zal je arts regelmatige controle adviseren, vaak elke drie maanden. Bij goed ingesteld type 2 diabetes zonder insuline is twee keer per jaar doorgaans genoeg, bij minder stabiele instelling vaker. De claims in dit overzicht gaan niet over een officiële richtlijn voor meetfrequentie, maar ze geven wel aanwijzingen: bij prediabetes is minstens één jaarlijkse meting zinvol om te zien of je richting diabetes schuift.
Naast de klassieke laboratoriumtest bestaan er continue glucosemeters die voortdurend je bloedsuiker bijhouden. Wie zo'n meter meer dan 270 dagen per jaar draagt, zag zijn HbA1c gemiddeld met ruim 1,5 procentpunt dalen, tegenover ruim 0,6 procentpunt zonder meter. Een kleinere studie bij 47 mensen met type 2 diabetes zag ook verbeteringen in gewicht, bloeddruk en cholesterol. Dat zijn veelbelovende resultaten, maar het bewijs is nog niet waterdicht.
Vingerprikken (zelfmeting thuis) helpen ook, maar het effect is bescheiden: gemiddeld 0,3 procentpunt HbA1c-daling. Het beste resultaat, 0,35 procentpunt daling, werd bereikt bij 8 tot 11 metingen per week, én als de uitslag ook leidde tot aanpassing van eten, bewegen of medicatie. Meten zonder er iets mee te doen had in de studies weinig zin.
Tot slot: een continue meter kan je HbA1c redelijk goed schatten, maar vervangt een echte bloedtest nog niet. En bij erfelijk verhoogd risico op alvleesklierkanker bleek het meten van HbA1c geen bijdrage te leveren aan vroege opsporing van die kanker, dus daarvoor is het niet bedoeld.
De claims komen uit observationele studies, een kleine crossover-studie (n=47), een meta-analyse over zelfmeting en een CGM-cohort. Er is geen directe richtlijnstudie over meetfrequentie beschikbaar in de bron; de frequentie-aanbevelingen zijn afgeleid uit de beschikbare claims.