Hoge triglyceriden verhogen het risico op hart- en vaatziekten, ook bij mensen die al statines gebruiken. De waarde is het meest betekenisvol in combinatie met HDL-cholesterol, bloedsuiker en lichaamssamenstelling, en minder als losstaand getal.
Triglyceriden zijn vetten in uw bloed die een belangrijke rol spelen bij hart- en vaatziekten. De Europese richtlijnen voor lipidenbehandeling (ESC/EAS 2019) erkennen triglyceriden uitdrukkelijk als een relevante risicofactor naast het bekendere LDL-cholesterol ('slechte cholesterol'). Een verhoogde triglyceridenwaarde is dus geen bijzaak, maar hoort thuis in het totaalplaatje van uw cardiovasculaire gezondheid (PMID 31504418).
Een bijzonder belangrijk inzicht uit recent onderzoek is dat hoge triglyceriden het risico op hart- en vaatziekten kunnen verhogen, ook bij mensen van wie het LDL-cholesterol al sterk verlaagd is met statines. Dit wordt het 'resterend risico' genoemd. Er is groeiend bewijs dat triglyceridenrijke deeltjes in het bloed hierbij een oorzakelijke rol spelen. Bij statinegebruikers met hoge triglyceriden bleek EPA (een specifiek visoliezuur) zowel de triglyceridewaarden als het aantal hart- en vaatziekte-events te verlagen (PMID 33257928).
Uw triglyceridenwaarde wordt nog waardevoller wanneer u die bekijkt in verhouding tot uw HDL-cholesterol ('goede cholesterol'). Deze verhouding heet de Atherogenic Index of Plasma (AIP). Onderzoek toont aan dat mensen in de hoogste AIP-groep 22% meer kans op hart- en vaatziekten hadden vergeleken met de laagste groep (HR 1,22). Bovendien hangt een hoge AIP samen met het metaboolsyndroom, een cluster van risicofactoren zoals buikvet, hoge bloedsuiker en hoge bloeddruk (PMID 39856691).
Triglyceriden spelen ook een rol in de zogenoemde TyG-index, een maat voor insulineresistentie die triglyceriden en bloedsuiker combineert. Een hogere TyG-index hangt samen met een 18% verhoogd risico op hart- en vaatziekten over een periode van 9 jaar, en het risico neemt boven een bepaalde drempelwaarde nog sterker toe (PMID 40065297). Wanneer de TyG-index wordt gecombineerd met een maat voor buikvet, wordt de voorspellende waarde verder vergroot: mensen met zowel hoge TyG-waarden als veel visceraal (buik)vet hadden 75% meer kans op hart- en vaatziekten vergeleken met de referentiegroep (PMID 39920683).
Een opvallende bevinding is dat mensen met veel buikvet maar een relatief lage TyG-index juist het hoogste risico leken te hebben (HR 1,87). Dit laat zien dat triglyceriden nooit volledig los gezien kunnen worden van andere risicofactoren zoals lichaamssamenstelling, bloedsuiker en algehele lichamelijke conditie. Ook de combinatie van hoge triglyceriden-glucose waarden met fysieke kwetsbaarheid bleek in meerdere studies een sterk verhoogd risico op hart- en vaatziekten en beroerte te geven (PMID 39604987, PMID 40759963).
Kortom: uw triglyceridenwaarde is zeker belangrijk, maar moet altijd worden beoordeeld als onderdeel van een breder plaatje, samen met uw HDL-cholesterol, bloedsuiker, buikomvang en algehele lichamelijke conditie. Triglyceriden behandelen via leefstijl (minder suiker, alcohol en bewerkte koolhydraten, meer beweging) of medicatie kan zinvol zijn, zeker als andere risicofactoren ook aanwezig zijn.
Alle claims zijn gebaseerd op observationele studies en overzichtsartikelen (geen gerandomiseerde trials voor de meeste uitkomsten). De verbanden zijn statistisch robuust maar grotendeels associatief van aard, niet bewezen oorzakelijk, met uitzondering van de triglyceridenrijke lipoproteïnen waar groeiend oorzakelijk bewijs voor bestaat (PMID 33257928). De ESC/EAS richtlijn (PMID 31504418) geeft sterker normatief bewijs. Geen van de studies toont directe schade van behandeling aan.