Wat zijn de eerste tekenen van insulineresistentie?
Vroege tekenen van insulineresistentie zijn meetbaar lang voor de diabetesdiagnose: verhoogd nuchter insuline, buikvet, afwijkende bloedvetten en te veel vet in de spieren. Laat je nuchtere insuline meten als je risicofactoren hebt, want de gewone bloedsuikertests reageren te laat.
Insulineresistentie begint lang voor de officiële diabetesdiagnose. Bij mensen met een volkomen normale bloedsuiker is het nuchtere insulinegehalte al verhoogd: de alvleesklier maakt meer insuline aan om het effect te compenseren. Op het moment dat de gebruikelijke diabetestests (nuchter glucose, HbA1c) aanslaan, zijn de eerste schade en complicaties al begonnen. Een simpele meting van nuchter insuline in het bloed kan dit vroege stadium aan het licht brengen.
Lichamelijke signalen van vroege insulineresistentie zijn subtiel en niet altijd voelbaar. Wat wel meetbaar is: buikvet, een hogere bloeddruk en afwijkende bloedvetten, met name te veel triglyceriden en te weinig goed (HDL-)cholesterol. Dit cluster staat bekend als het metabool syndroom en verhoogt het risico op diabetes en hart- en vaatziekten sterk. Je hebt hiervoor nog geen hoge bloedsuiker nodig.
Ook de spieren geven een vroeg signaal. Bij mensen met obesitas, maar nog zonder diabetes, kan echografie al meer vet en bindweefsel ín de spiervezels laten zien. Hoe meer vet er in de spier zit, hoe slechter die spier reageert op insuline. Opvallend: dit hangt niet samen met het lichaamsgewicht of BMI. Iemand met een hoog gewicht kan toch gezonde spieren hebben, en omgekeerd. De studie die dit aantoonde was klein (25 deelnemers), dus dit is nog geen screeningsmethode.
Bij mensen in het prediabetesstadium bestaan minstens vier verschillende onderliggende oorzaken: spiercellen die slecht reageren op insuline, een lever die te veel suiker blijft aanmaken, een alvleesklier die onvoldoende insuline produceert, en verstoorde darmhormonen die normaal de insulineafgifte stimuleren. Van buiten zijn deze subtypen niet te onderscheiden, maar ze vragen mogelijk elk om een andere aanpak. De vorm van de bloedsuikercurve tijdens een suikerbelastingstest kan helpen om ze te herkennen.
Insulineresistentie is ook te schatten via eenvoudige berekeningen op basis van routinebloedwaarden en gewicht, zoals de TyG-index (triglyceriden gecombineerd met bloedsuiker). Zo'n score kan al vroeg een verhoogd risico op vette lever aanwijzen. Andere berekende scores voorspellen het risico op beroerte en hart- en vaatziekten. Allemaal associaties uit observationeel onderzoek, maar ze laten zien dat insulineresistentie een vroeg, meetbaar fenomeen is dat je niet hoeft te negeren zolang de bloedsuiker nog normaal oogt.
Claims gebaseerd op zeven studies (PMID 28492735, 39715896, 40509678, 28639538, 41035026, 36120429, 40241176). Mix van observationele cohortstudies, een kleine echografiestudie (n=25) en mechanistische onderzoeken. Geen grote RCT's. Bewijssterkte voor de afzonderlijke vroege tekenen is overwegend matig.