Wat gebeurt er precies in de perimenopauze, en wat helpt ertegen?
Hormoontherapie met oestrogeen is voor vrouwen zonder contra-indicaties de best onderbouwde aanpak voor opvliegers, nachtelijk zweten en vaginale klachten. Voor cognitieve klachten bestaat nog geen bewezen behandeling; overleg met je arts is dan de aangewezen stap.
De perimenopauze begint zodra je cyclus onregelmatig wordt en duurt tot een jaar na je laatste menstruatie. In die periode schommelen je hormonen flink, met name oestrogeen, voordat ze definitief dalen. De bekendste klachten zijn opvliegers en nachtelijk zweten. Die zijn de eerste vier tot zeven jaar het heftigst, maar bij sommige vrouwen houden ze langer dan tien jaar aan. Vaginale droogheid en pijn bij seks verdwijnen zonder behandeling niet vanzelf; die worden juist erger met de tijd.
Stemmingswisselingen, somberheid en angst horen er ook bij, en het risico daarop stijgt flink in de latere overgangsperiode. Slaapproblemen en neerslachtigheid versterken elkaar bovendien met opvliegers, wat een negatieve spiraal op gang kan brengen. Veel vrouwen krijgen ook moeite met geheugen, aandacht en tempo van denken. Of dat rechtstreeks door hormoonschommelingen komt of toch door slaaptekort en stemming, is nog niet bewezen.
Minder bekende maar even echte veranderingen zijn onregelmatig bloedverlies, verlies van botdichtheid, meer buikvet en een trager wordende stofwisseling. Bijna 90% van de vrouwen gaat hiervoor naar de huisarts, maar een goed gepersonaliseerde aanpak wordt nog onvoldoende gegeven1,2.
Voor opvliegers, nachtelijk zweten en vaginale klachten is hormoontherapie met oestrogeen de best onderbouwde behandeling. Voor vrouwen jonger dan 60 jaar, die binnen tien jaar na het begin van de menopauze zitten en geen contra-indicaties hebben, is de verhouding tussen voordelen en risico's over het algemeen gunstig3,4. Altijd een persoonlijke afweging met je arts. Hormonale anticonceptiva zijn in deze fase een alternatief: die pakken tegelijk onregelmatig bloedverlies, opvliegers, botverlies én stemmingsproblemen aan, én voorkomen ongewenste zwangerschap, want dat is in de perimenopauze nog steeds mogelijk5.
Voor cognitieve klachten is er nog geen bewezen behandeling. De Noord-Amerikaanse Menopause Society steunt hormoontherapie daar momenteel niet voor, op geen enkele leeftijd6. Dieronderzoek laat veelbelovende mechanismen zien, maar studies bij mensen zijn te klein om iets aan te bevelen. Creatinesupplementen laten in bredere vrouwenpopulaties eerste positieve signalen zien voor spierkracht en mogelijk stemming en cognitie, maar data over perimenopauze vrouwen zijn heel schaars7,8. Twee onderzoekers van die studies hebben financiële banden met creatineproducenten, wat de uitkomsten kleurt.
Gebaseerd op meerdere overzichtsartikelen en richtlijnen (o.a. PMID 37553173, 26653408, 18074100, 39081162, 33263443, 37755656, 40371844, 29952797). Het bewijs voor hormoontherapie bij opvliegers en vaginale klachten is het sterkst. De effecten op cognitie en de rol van creatine steunen op dunner, deels voorlopig dieronderzoek.