Naakte molratten verouderen zonder energieverlies
De naakte molrat leeft tien keer langer dan andere knaagdieren van vergelijkbare grootte. Zijn metabolisme bleek bij nader onderzoek niet alleen uitzonderlijk laag, maar ook verrassend stabiel door de jaren heen.
Bij de meeste zoogdieren verandert het energieverbruik in rust (de rustmetabolisme, afgekort RMR) naarmate het dier ouder wordt. Organen worden minder efficiënt, onderhoud kost meer energie. Dat patroon lijkt bij de naakte molrat grotendeels afwezig, zo laat nieuw onderzoek zien via Fight Aging.
Laag en stabiel: een ongewone combinatie
De onderzoekers maten de RMR bij meerdere leeftijdsgroepen molratten en namen ook factoren mee zoals lichaamsgewicht, sociale rol en kolonieopbouw. Lichaamsgewicht bleek veruit de sterkste voorspeller van energieverbruik, precies zoals verwacht op basis van de normale allometrische schaling bij zoogdieren. Opvallend: de absolute RMR-waarden lagen gemiddeld op 45,5 ml O₂ per uur. Dat is beduidend lager dan wat je op basis van het lichaamsgewicht zou voorspellen, met voorspellingsmodellen die uitkomen tussen de 51,6 en 71,1 ml O₂ per uur.
Leeftijd had, nadat gecorrigeerd werd voor gewicht, geen significante invloed op de RMR. Bij de meeste zoogdieren gaat veroudering gepaard met meetbare verschuivingen in het energieverbruik in rust. Bij de naakte molrat lijkt dat niet het geval. Dit past bij het begrip verwaarloosbare veroudering (negligible senescence): de biologische achteruitgang die normaal met leeftijd wordt geassocieerd, treedt bij deze dieren nauwelijks op.
Ondergronds leven als verklaring
De lage RMR past bij de leefomgeving van het dier. De studie suggereert dat de stabiele temperatuur in ondergrondse gangenstelsels de behoefte aan thermoregulatie vermindert. Dat bespaart energie. In een omgeving waar voedsel schaars is en graven veel kost, is een laag rustmetabolisme een voordeel voor de hele kolonie.
Wat dit betekent voor de uitzonderlijke levensduur van de molrat is voorlopig niet volledig opgehelderd. De membraanpacemaker-hypothese stelt dat de vetsamenstelling van celmembranen bepaalt hoe goed cellen oxidatieve schade weerstaan. Een lager metabolisme betekent minder productie van oxidatieve moleculen door de mitochondriën. Of dat de voornaamste verklaring is, of dat andere mechanismen een rol spelen, is nog onderdeel van lopend onderzoek.