longevitywatch
← Terug
Onderzoek
Geheugen & cognitie

Hoe we herinneringen ophalen werkt anders dan gedacht

Jarenlang dachten onderzoekers dat hersengolven genaamd thetaoscillaties zowel het opslaan als het terugvinden van herinneringen aansturen. Nieuw onderzoek suggereert dat de tweede helft van die aanname onjuist is.

Redactie LongevityWatch8 april 2026

Het menselijk geheugen is geen harde schijf. Herinneringen worden niet passief bewaard en vervolgens opgezocht; ze worden bij elke herinnering actief gereconstrueerd door netwerken van neuronen die in specifieke patronen samenwerken. Eén van de meest bestudeerde patronen zijn thetaoscillaties — ritmische golven van elektrische activiteit in het bereik van vier tot acht hertz, die voornamelijk optreden in de hippocampus. Thetaoscillaties werden al decennia geassocieerd met zowel het vastleggen als het ophalen van herinneringen. De aanname was: hetzelfde mechanisme doet allebei.

Een nieuwe studie, gepubliceerd in eLife, zet vraagtekens bij de tweede helft van die aanname. Onderzoekers vonden dat thetaoscillaties inderdaad een rol spelen bij het coderen — het vastleggen van nieuwe informatie — maar dat ze bij het actief ophalen van herinneringen opvallend afwezig of veranderd zijn. Dat is geen kleine correctie; het suggereert dat het brein voor deze twee functies fundamenteel verschillende mechanismen gebruikt, ook al betreffen ze hetzelfde materiaal.

Wat dit zegt over geheugen en veroudering

De bevinding heeft potentiële implicaties voor het begrijpen van geheugenachteruitgang bij veroudering en dementie. Problemen met geheugen bij ouderen worden vaak beschreven als ‘moeite met onthouden’, maar het onderscheid tussen moeite met vastleggen en moeite met terugvinden is klinisch relevant. Als die twee processen verschillende mechanismen gebruiken, kunnen ze ook verschillend falen — en vragen ze mogelijk om verschillende interventies.

Thetaoscillaties worden bij Alzheimer-patiënten verstoord gevonden, maar de interpretatie van die verstoring was altijd gekoppeld aan de aanname dat theta beide functies aanstuurt. Als dat beeld nu genuanceerder wordt, moeten ook de hypotheses over wat er precies misgaat in het geheugen bij Alzheimer worden herzien. Dat betekent niet dat eerder onderzoek waardeloos is, maar wel dat de conclusies voorzichtiger geïnterpreteerd moeten worden.

Wetenschap die zichzelf corrigeert

De studie is ook een goed voorbeeld van hoe neurowetenschappelijk onderzoek werkt: een aanname die zo lang zo breed gedragen werd dat ze zelden werd bevraagd, krijgt een empirische tik. Of deze bevinding standhoudt in vervolgonderzoek, en of ze repliceert in andere soorten en met andere methoden, zal de komende jaren duidelijk worden. Voorlopig is het een herinnering — ironisch genoeg — dat zelfs goed ingeburgerde modellen van hoe het brein werkt, regelmatig bijgesteld moeten worden.

Read the original article

DelenX / TwitterLinkedIn