Een huisdier kan het gevoel van verbondenheid, dagstructuur en mogelijk cardiovasculaire maten gunstig beïnvloeden, maar de bewijskracht is beperkt en er is geen bewijs dat huisdieren de levensduur verlengen. Grootschalig gerandomiseerd onderzoek ontbreekt.
Een kwalitatieve studie onder 14 thuiswonende ouderen (65 jaar en ouder) laat zien dat een huisdier op vier manieren bijdraagt aan welzijn: troost en een gevoel van veiligheid, meer sociaal contact met anderen, meer dagstructuur en een betekenisvolle rol in het leven (PMID 31242754). Dit zijn ervaringen die mensen zelf rapporteren, geen gemeten klinische uitkomsten. De steekproef is klein en de resultaten zijn niet generaliseerbaar naar de hele bevolking.
Een reviewartikel uit 2015 concludeert dat zowel het houden van een huisdier als kortdurende mens-dier interactie samengaat met betere hart- en vaatmaten en minder gevoelens van eenzaamheid (PMID 26164613). Quasi-experimenteel onderzoek suggereert dat het verband mogelijk ook oorzakelijk is, maar grote gerandomiseerde gecontroleerde studies met een duidelijk aangetoond biologisch mechanisme ontbreken nog. De bewijskracht blijft daardoor beperkt.
Over levensduur en sterfte specifiek bevatten de beschikbare bronnen geen bewijs. Een uitspraak over de vraag of een huisdier je langer laat leven, is op basis van deze studies niet mogelijk. Dit is een belangrijk onderscheid: beter welbevinden en mogelijk betere cardiovasculaire maten betekenen niet automatisch een langere levensduur.
Er zijn ook praktische aandachtspunten. Huisdieren vragen tijd, geld en fysieke energie. Voor kwetsbare ouderen kan de zorg voor een dier ook een last worden in plaats van een steun. Allergieën, vallen over het dier en infectierisico's zijn reële aandachtspunten die in de beschikbare bronnen niet uitgebreid worden besproken maar bij de afweging horen.
Twee bronnen beschikbaar: één kleine kwalitatieve studie (n=14 ouderen, PMID 31242754) en één narratief reviewartikel (PMID 26164613). Geen meta-analyses, geen gerandomiseerde trials, geen sterftecijfers. Bewijs is associatief en beperkt van omvang.