Pijnstiller werkt anders bij vrouwen dan mannen
Morfine, het krachtigste pijnmiddel dat we kennen, werkt niet bij iedereen hetzelfde. Nieuw onderzoek laat zien dat geslacht en genen samen bepalen hoe sterk en hoe lang de werking aanhoudt. Dat heeft grote gevolgen voor de behandeling van chronische pijn.
Opioïden zoals morfine werken via specifieke receptoren in de hersenen, de zogeheten mu-opioïdreceptoren. Die binden morfine en geven vervolgens een pijndempend signaal door. Maar hoe lang en hoe intens dat signaal is, verschilt sterk tussen individuen. En tussen mannen en vrouwen.
Twee genen, twee tijdsvensters
Het onderzoek, gepubliceerd in eLife, volgde het gedrag van bijna 700 muizen na een eenmalige morfine-injectie. De onderzoekers maten meer dan honderd verschillende gedragsreacties gedurende drie uur. Zo konden ze precies in kaart brengen wanneer welk gen het effect van morfine stuurde.
In de eerste 75 minuten was het gen Oprm1 (dat codeert voor de mu-opioïdreceptor) dominant. Daarna nam een tweede gen het over: Fgf12. Dit gen was vooral actief bij vrouwelijke muizen. De twee genen bleken bovendien tijdelijk samen te werken via een wisselwerking (epistatische interactie), iets wat tot nu toe bij zoogdieren niet eerder was aangetoond voor geneesmiddelrespons.
Implicaties voor pijnbehandeling en veroudering
Chronische pijn is een van de meest onderschatte gezondheidsproblemen bij ouderen. Naarmate mensen ouder worden, verandert de gevoeligheid voor pijnmiddelen. Receptoren worden minder gevoelig, en het risico op bijwerkingen neemt toe. Inzicht in de genetische basis van hoe pijnstillers werken, kan helpen om dosering en type pijnmiddel beter af te stemmen op de patiënt.
Dat Fgf12 in vrouwelijke muizen een grotere rol speelt, past bij het bekende gegeven dat vrouwen anders reageren op opioïden dan mannen. De vertaling van muisonderzoek naar mensen vraagt uiteraard voorzichtigheid. De onderzoekers vonden aanvullend bewijs in menselijke genetische data (GWAS-analyses), wat suggereert dat vergelijkbare netwerken ook bij mensen actief zijn.
De bevinding dat een tijdelijke samenwerking tussen twee genen de morfinewerking moduleert, opent nieuwe wegen voor de ontwikkeling van pijnmedicatie die beter is afgestemd op geslacht en genetisch profiel. Dat is relevant voor iedereen, maar extra voor ouderen bij wie de marges smaller zijn.
Zoektermen om verder te lezen: mu-opioïdreceptor genetische variatie, epistatische interactie geneesmiddelrespons, sekseverschillen opioïd farmacologie